Logo Fontys Hogeschool Theologie LevensbeschouwingPlay the games! logo TeO

Bachelor Geestelijk begeleider

propedeuse

Het eerste jaar van de studie dient om vast te stellen of de student geschikt is om de studie te volgen. In deze fase oriŽnteert de student zich op het mogelijke beroep. Hij toont aan dat hij in staat is de studie goed te organiseren en het niveau van de studie aan te kunnen.

Studiejaar 2018-2019

  • Semester 1
    • De student maakt kennis met de Bijbel als religieuze bron.
  • 19PBWBEW De Bijbel en zijn wereld
    WS,KT
    5ec
    46cu
    • Studenten passen de kennis over geschiedschrijving toe op het handboek en onderwerpen eruit.
    • Zij hebben kennis van de geschiedenis van het christendom in grote lijnen (feitenkennis). Zij kennen diverse hoofdpersonen en situaties en kunnen die in hun historische context plaatsen en hun betekenis duiden (toepassen).
    • Zij zijn in staat het verworven inzicht over de behandelde onderwerpen helder, overzichtelijk en correct weer te geven.
    • Zij kunnen desgevraagd een historisch standpunt innemen, historische vragen stellen en bronnengebruik kritisch bevragen.
  • 19PKGGCH Geschiedenis van het christendom
    KT
    5ec
    46cu
    • De studenten werken samen aan het maken van een eindproduct op een constructieve manier en metvergelijkbare inzet als de anderen en kunnen feedback daarop meenemen in het werk.
    • Studenten verzamelen informatie over een historisch onderwerp uit de eerste acht eeuwen van de geschiedenis van het christendom.
    • De studenten werken samen aan het maken van een eindproduct op een constructieve manier en metvergelijkbare inzet als de anderen en kunnen feedback daarop meenemen in het werk.
    • De studenten werken samen aan het maken van een eindproduct op een constructieve manier en metvergelijkbare inzet als de anderen en kunnen feedback daarop meenemen in het werk.
    • Studenten passen de didactische theorieŽn en leertheorieŽn toe op het te maken didactisch materiaal.
  • 19PKGIDR Inleiding docent religie levensbeschouwing
    OT
    5ec
    48cu
    • Gespreksvaardigheden: kennis van de elementaire principes van psychologische gespreksvoering en deze kunnen toepassen.
    • Presentatievaardigheden: Kennismaken met de technieken van presentatievaardigheden, zowel mondeling als schriftelijk. Aandacht voor het schrijven van papers: opbouw, notenapparaat, literatuurlijst, citeren, correct taalgebruik.
  • 19PBVCOM Communicatieve vaardigheden
    LV,PR,WS
    3ec
    68cu
    • Je krijgt zicht op een mogelijk toekomstig beroep.
  • 19PBVSLB Studieloopbaanbegeleiding jaar 1
    AS,LV
    2ec
    47cu
  • 19PSWISW Inleiding sociale wetenschappen
    KT
    5ec
    46cu
    • De student heeft een basiskennis van het jodendom, islam, hindoeÔsme en boeddhisme
    • De student kent de verschillen tussen theologie en religiewetenschap
    • De student maakt kennis met definities van religie en vormt zijn eigen definitie
    • De student kan actuele religieuze fenomenen duiden
  • 19PRWIWR Inleiding wereldreligies
    KT
    5ec
    46cu
  •  
     
    30ec
    347cu
  • Semester 2
    • Je legt uit hoe openbaring en ervaring en hoe schrift en traditie zich tot elkaar verhouden
    • Je definieert theologie en benoemt de overeenkomsten en verschillen tussen theologie en religiewetenschappen
    • Je benoemt de grote thema's uit de christelijke theologie zoals godsbeelden, schepping, openbaring, kwaad, menswording, verlossing, triniteit, kerk, sacramenten en eschatologie
    • Je ordent de centrale geloofsgeheimen en brengt deze met elkaar in verbinding
    • Je legt uit hoe de christelijke theologie reflecteert op Triniteit, kerk, sacramenten en eschatologie
    • Je leest met gebruikmaking van de theologische concepten uit de lesstof van het college een aantal klassieke theologische teksten
  • 19PRSTICT Inleiding christelijke theologie
    KT
    5ec
    46cu
    • Studenten hebben hun eigen Godsbeeld ter beschikking en kunnen dit op vruchtbare wijze hanteren binnen het levensbeschouwelijke gesprek.
    • Studenten kunnen formuleren wat het verschil is tussen geestelijke begeleiding en psychotherapie
    • Studenten herkennen levensbeschouwelijke thema's in een gesprek.
    • de student kan de grondbeginselen van het levensbeschouwelijke gesprek formuleren en toepassen.
    • Studenten kunnen benoemen wat de functie is van rituelen in de geestelijke begeleiding en zijn in staat zelf rituelen in te zetten.
  • 19PSTIGB Inleiding geestelijk begeleider
    PR,WS
    5ec
    48cu
    • Studenten benoemen in eigen woorden wat zij zien als de context waarin de praktische theologie zich begeeft (o.a. individualisering)
    • Studenten passen de methode van praktische theologie toe op een situatie/ thema uit de dagelijkse praktijk
  • 19PPTITB Inleiding theologie van de beroepspraktijk
    WS
    5ec
    44cu
    • De studenten reflecteren op hun eigen vooronderstellingen. Studenten reproduceren de grote thema's van de filosofie. Zij verbinden filosofisch denken met de andere modulen van de opleiding en de praktijken waarvoor wordt opgeleid.
  • 19PWBIFI Inleiding filosofie
    KT
    5ec
    46cu
    • De student past een vorm van systematische observatie toe op de stageplaats. De student schrijft een exposureverslag. De student voert een oriŽnterende stage uit in zijn/haar afstudeerrichting.
  • 19PBVSPR Stage propedeuse
    LV,ST,WS
    3ec
    28cu
    • Je krijgt zicht op een mogelijk toekomstig beroep.
  • 19PBVSLB Studieloopbaanbegeleiding jaar 1
    AS,LV
    2ec
    47cu
    • De student bepaalt de eigen positie ten opzichte van de verschillende spiritualiteit
    • De student maakt kennis met diverse vormen van spiritualiteit die h/zij als theoloog in de praktijk kan tegenkomen, zowel traditionele als nieuwe vormen.
  • 19PSPISP Inleiding Oosterse en Westerse spiritualiteit
    KT,PR,LV
    5ec
    44cu
  •  
     
    30ec
    303cu

hoofdfase

In het tweede en derde jaar gaat het er om dat de student aantoont geschikt te zijn voor de uitoefening van het beroep waarvoor de opleiding opleidt. In onder meer stage en trainingen bewijst de student deze geschiktheid.

Studiejaar 2019-2020

  • Semester 2
    • De student is op de hoogte van de verschillende visies op interreligieuze ontmoeting en op de katholieke visie in het bijzonder.
    • De student vormt en ontwikkelt een eigen visie op de kansen en uitdagingen van de (toekomst) van de dialoog, mede t.a.v. de beroepspraktijk.
    • De student is op de hoogte van de huidige oecumenische situatie en de huidige oecumenische dialogen.
    • De student is op de hoogte van de verschillende visies op interreligieuze ontmoeting en op de katholieke visie in het bijzonder.
    • De student vormt en ontwikkelt een eigen visie op de kansen en uitdagingen van de (toekomst) van de dialoog, mede t.a.v. de beroepspraktijk.
  • 19HSTIDO Interreligieuze dialoog en oecumene
    KT
    5ec
    34cu
    • Studenten leren enkele basisprincipes mbt individuele geestelijke begeleiding.
    • Studenten oefenen met verbatims uit de eigen stagepraktijk en leren zo handelingsalternatieven te formuleren.
  • 19HPTMGB Methoden van geestelijke begeleiding
    LV
    2ec
    16cu
    • De student kan een specifiek ritueel begeleiden.
    • De student kan een ritueel vormgeven rekening houdend met de betrokken personen, de ruimte, de tijd, de specifieke levensbeschouwelijke context.
    • De studenten herkent een ritueel, kent de samenhang tussen symbool, verhaal en handeling. De student legt verband leggen tussen liturgisch jaar, burgerlijk jaar en natuur/kosmisch jaar. De student heeft kennis van eigen levensbeschouwelijke achtergrond.
  • 19HPTVRI Vieren en rituelen
    WS
    2ec
    16cu
    • Je reflecteert op je beginpositie, je ontwikkeling tijdens de collegereeks en je positie aan het einde van de reek ten aanzien van wijsheidsliteratuur, zowel op persoonlijk niveau als in een toekomstige professionele context.
    • Je onderscheidt het genre wijsheidsliteratuur van andere bijbelse genres.
    • Je geeft aan wat de functie en (beoogde werking) is van het genre Wijsheidsliteratuur in het algemeen en in de bijbel in het bijzonder.
    • Je geeft functie en (mogelijke) werking van wijsheidsliteratuur voor vandaag de dag aan.
    • Je geeft functie en (mogelijke) werking van wijsheidsliteratuur voor vandaag de dag aan.
    • Je geeft functie en (mogelijke) werking van wijsheidsliteratuur voor vandaag de dag aan.
  • 19HBWBVW Bronnen van wijsheid
    WS,LV
    5ec
    32cu
  • 19HBWLHT Lezen van heilige teksten
     
    5ec
    32cu
  • 19HWBFET Filosofische ethiek
    WS
    5ec
    32cu
    • De leerdoelen worden door de student ism de stagecoŲrdinator vastgelegd in het stageplan.
  • 19HBVSG2 Stage 2 Geestelijk begeleider
    LV,MT
    6ec
    20cu
  •  
     
    30ec
    182cu

Studiejaar 2020-2021

  • Semester 1
    • Je benoemt enkele hedendaagse christologische en triniteitstheologische discussies
    • Je onderscheidt de christologische visies uit de eerste eeuwen van het christendom en verbindt deze met christelijke kerkgenootschappen uit deze tijd
    • Je vertelt in eigen woorden de betekenis van het geloof in de drie-ene God voor de andere geloofsgeheimen van het christelijk geloof
    • Je beschrijft de verschillen een overeenkomsten tussen het spreken van de Bijbel en het spreken van de Koran over Jezus / Isa
    • Je beschrijft de christologische discussies uit de eerste eeuwen van het christendom
    • Je legt uit hoe analogie en appropriatie als taalhandelingen functioneren in het spreken over God de Drie-ene en hoe beide zich tot elkaar verhouden
  • 19HSTTGO Theologische godsleer en christologie
    KT
    5ec
    34cu
  • 19HPTGDY Groepsdynamica
    CT
    2ec
    16cu
  • 19HPTLDI Levensbeschouwelijke didactiek
    PR,WS
    2ec
    16cu
  • 19HBWNTE Nieuwe Testament
    WS
    5ec
    32cu
    • De studenten leggen de diverse verbanden en ontwikkelingen uit over de verhouding Jodendom - Christendom, Wetenschap - Christendom en Arbeid - Christendom.
    • De studenten vatten de diverse ontwikkelingen samen en interpreteren de samenhang op een historisch verantwoorde manier.
    • De student is in staat historische bronnen te gebruiken en correct te citeren. De student parafraseert historische bronnen en secundaire literatuur en interpreteert deze op een historisch verantwoorde manier. De student kan feiten van meningen
    • De studenten zijn in staat met gebruikmaking van de opgedane kennis een klein historisch onderzoek naar een deelonderwerp te verrichten en daarvan verslag te doen.
  • 19HKGTGC Themaís in de geschiedenis van het christendom
    KT,ES
    5ec
    34cu
  • 19HWBHER Hermeneutiek
     
    5ec
    32cu
    • Studenten geven in reflectie- en stage verslag blijk zich zelf als professional te ontwikkelen.
    • Studenten voeren een levensbeschouwelijk gesprek.
    • Studenten geven in reflectie- en stage verslag blijk zich zelf als professional te ontwikkelen.
    • Studenten voeren een levensbeschouwelijk gesprek.
    • Studenten brengen traditie in verband met actualiteit.
    • Studenten voeren een levensbeschouwelijk gesprek.
    • Studenten geven in reflectie- en stage verslag blijk zich zelf als professional te ontwikkelen.
    • Studenten brengen traditie in verband met actualiteit.
    • Studenten organiseren hun stageactiviteiten
    • Studenten organiseren hun stageactiviteiten
  • 19HBVSG3 Stage 3 Geestelijk begeleider
    ST
    6ec
    20cu
    • de student reflecteert op de eigen persoonsontwikkeling en maakt hiervan verslagen.
  • 19HBVSLB Studieloopbaanbegeleiding hoofdfase
    LV
    1ec
    12cu
  •  
     
    31ec
    196cu

startbekwaamfase

In het vierde jaar van de opleiding is alles er op gericht dat de student daadwerkelijk kan starten in het beroep waartoe wordt opgeleid. De student toont aan dat hij zelfstandig kan opereren binnen het beroepenveld en laat zien dat hij op bachelor niveau de daarbij behorende taken kan uitvoeren.

Studiejaar 2021-2022

  • Semester 1
    • Studenten benoemen centrale ecclesiologische themaís.
    • Studenten verwoorden de betekenis en de functie van de Kerk in de heilsdialoog van God met de mens.
    • Studenten benoemen verschillende wijzen van reflectie (bijbels, historisch, leerambtelijk, oecumenisch, dogmatisch)op de "Kerk" .
    • Studenten leggen uit wat het sacramentele merkteken is.
    • Studenten hanteren de begrippen zichtbaarheid en onzichtbaarheid op correcte wijze in sacramententheologische kwesties
    • Studenten benoemen het verschil tussen vruchtbaarheid en geldigheid en verbinden dit met de theologie van de rechtvaardiging, de pneumatologie en de christologie.
    • Studenten verwoorden de antropologische grond van de sacramenten en verbinden deze met de christologie
    • Studenten benoemen de zeven sacramenten, verwoorden hun onderlinge samenhang en betekenis en benoemen van elke de belangrijkste eigenschappen.
    • Studenten beschrijven de hoofdlijnen van de geschiedenis van het sacramentsbegrip van de oude mysteriecultus via Tertullianusí introductie van het Latijnse sacramentum en Augustinusí definitie van sacrament als teken tot de definitie van Thomas van Aquino
    • Studenten kunnen constituerende praktijken voor de kerk benoemen en relateren aan de zending van de kerk
    • Studenten onderscheiden de opgaande en neerdalende lijn van de sacramenten en leggen uit wat sacramenten bewerken en hoe ze dat doen
  • 19SSTKSA Kerk en sacramenten
    WS,KT
    5ec
    36cu
    • studenten onderzoeken pastoraaltheologische vraagstukken over het eigen handelen met behulp van literatuur en van empirische dataverzameling en -analyse
  • 19SPTAGB Afstudeeronderzoek Gb
    AO
    1ec
    8cu
    • Student voert het proces van het projectmatig werken in relatie tot zijn/ haar stageproject uit. Student kan theologisch verwoorden waar in het project God ervaren is. Student analyseert kritisch wat hij/zij geleerd heeft als projectleider.
  • 19SPTPRW Projectmatig werken
    WS
    3ec
    24cu
  • 19SPTSRC Spreken in rituele context
     
    2ec
    16cu
    • De student kent de mogelijkheden en grenzen van het filosofisch spreken over God.
    • De student kent de mogelijkheden en grenzen van het filosofisch spreken over God.
  • 19SWBFGL Filosofische godsleer
    WS
    3ec
    24cu
  • 19SWBSFH Sociale filosofie en humanistiek
     
    4ec
    30cu
    • de student realiseert haar/zijn eigen leerdoelen: die helder, positief geformuleerd en in toetsbare eindtermen zijn verwoord;
    • de student reflecteert systematisch op de eigen stage-ervaringen en die van de medestudenten en is in staat hier leerpunten uit te formuleren.
    • verdieping van de geloofshouding.
    • de student kan in verhalen van mensen het levensbeschouwelijk horen;
  • 19SBVSG4 Stage 4 Geestelijk begeleider
    ST,LV
    8ec
    14cu
    • De student kan als toekomstig geestelijk begeleider dan wel als docent religie/levensbeschouwing op verantwoorde wijze met morele kwesties omgaan door in het licht van christelijke ervaringen en door toepassing van beginselen, bronnen en methoden vanuit d
    • De student heeft kennis van en inzicht in de basisbegrippen, kernproblemen en methoden van de moraaltheologie. kennis: definiŽren en vertellen in eigen woorden inzicht: onderscheiden, in onderlinge samenhang brengen en waarderen
    • De student kan als toekomstig geestelijk begeleider dan wel als docent religie/levensbeschouwing op verantwoorde wijze met morele kwesties omgaan door in het licht van christelijke ervaringen en door toepassing van beginselen, bronnen en methoden vanuit d
    • De student heeft kennis van en inzicht in de basisbegrippen, kernproblemen en methoden van de moraaltheologie. kennis: definiŽren en vertellen in eigen woorden inzicht: onderscheiden, in onderlinge samenhang brengen en waarderen
    • De student kan als toekomstig geestelijk begeleider dan wel als docent religie/levensbeschouwing op verantwoorde wijze met morele kwesties omgaan door in het licht van christelijke ervaringen en door toepassing van beginselen, bronnen en methoden vanuit d
    • De student heeft kennis van en inzicht in de basisbegrippen, kernproblemen en methoden van de moraaltheologie. kennis: definiŽren en vertellen in eigen woorden inzicht: onderscheiden, in onderlinge samenhang brengen en waarderen
    • De student kan als toekomstig geestelijk begeleider dan wel als docent religie/levensbeschouwing op verantwoorde wijze met morele kwesties omgaan door in het licht van christelijke ervaringen en door toepassing van beginselen, bronnen en methoden vanuit d
    • De student heeft kennis van en inzicht in de basisbegrippen, kernproblemen en methoden van de moraaltheologie. kennis: definiŽren en vertellen in eigen woorden inzicht: onderscheiden, in onderlinge samenhang brengen en waarderen
    • De student kan als toekomstig geestelijk begeleider dan wel als docent religie/levensbeschouwing op verantwoorde wijze met morele kwesties omgaan door in het licht van christelijke ervaringen en door toepassing van beginselen, bronnen en methoden vanuit d
    • De student heeft kennis van en inzicht in de basisbegrippen, kernproblemen en methoden van de moraaltheologie. kennis: definiŽren en vertellen in eigen woorden inzicht: onderscheiden, in onderlinge samenhang brengen en waarderen
    • De student kan als toekomstig geestelijk begeleider dan wel als docent religie/levensbeschouwing op verantwoorde wijze met morele kwesties omgaan door in het licht van christelijke ervaringen en door toepassing van beginselen, bronnen en methoden vanuit d
    • De student heeft kennis van en inzicht in de basisbegrippen, kernproblemen en methoden van de moraaltheologie. kennis: definiŽren en vertellen in eigen woorden inzicht: onderscheiden, in onderlinge samenhang brengen en waarderen
  • 19SSTIMO Inleiding moraaltheologie
    CT
    5ec
    32cu
  •  
     
    31ec
    184cu
  • Semester 2
    • De student brengt de thema's uit het college in verband met hedendaagse vragen rond wie de mens is en wat de betekenis is van zijn/haar leven.
    • De student kan aan de begrippen natuur, zonde en genade gerelateerde (paulijnse) schriftpassages theologisch becommentariŽren
    • De student benoemt complexere vraagstukken op het terrein van de scheppingstheologie, de leer van de zonde en de erfzonde, de verlossingsleer, de pneumatologie en de eschatologie en kan verschillende theologische posities benoemen en onderscheiden.
  • 19SSTTAN Theologische antropologie
    KT,WS
    5ec
    32cu
    • studenten onderzoeken pastoraaltheologische vraagstukken over het eigen handelen met behulp van literatuur en van empirische dataverzameling en -analyse
  • 19SPTAGB Afstudeeronderzoek Gb
    AO
    6ec
    20cu
    • Studenten benoemen in eigen woorden hun maatschappelijke spiritualiteit Studenten spreken in theologische woorden over ontwikkelingen en actuele zaken in de samenleving
    • Studenten benoemen in eigen woorden hun maatschappelijke spiritualiteit Studenten spreken in theologische woorden over ontwikkelingen en actuele zaken in de samenleving
  • 19SPTMGH Maatschappelijk betrokken handelen
    WS
    2ec
    16cu
  • 19SBVMGB Mediagebruik
    WS,LV
    3ec
    24cu
  • 19SWBFLB Filosofie en levensbeschouwing
     
    5ec
    34cu
    • de student realiseert haar/zijn eigen leerdoelen: die helder, positief geformuleerd en in toetsbare eindtermen zijn verwoord;
    • de student reflecteert systematisch op de eigen stage-ervaringen en die van de medestudenten en is in staat hier leerpunten uit te formuleren.
    • verdieping van de geloofshouding.
    • de student kan in verhalen van mensen het levensbeschouwelijk horen;
  • 19SBVSG4 Stage 4 Geestelijk begeleider
    ST,LV
    2ec
    8cu
    • Studenten reflecteren op zich zelf in het licht van het beroep waarop zij zich voorbereiden.
  • 19SBVSLB Studieloopbaanbegeleiding jaar 4
     
    1ec
    10cu
    • Studenten leren de themaís uit de KSL te verbinden met structuur, doelstellingen, en werkwijze van de werkvelden caritas en diaconie in parochies, en met de aard van instellingen in instellingenpastoraat en onderwijs.
    • Studenten verwerven inzicht in het sociaal maatschappelijk functioneren van de KSL sedert 1965 (einde van het Tweede Vaticaans Concilie).
    • Studenten leren een encycliek te lezen in de zin van beschrijvend samenvatten, interptere, analyseren en evalueren.
    • Studenten krijgen kennis van en inzicht in de historische ontwikkeling van de Katholieke Sociale Leer van 1891 tot nu door een overzicht van sociale encyclieken.
  • 19SSTBMO Bijzondere moraaltheologie
     
    5ec
    32cu
  •  
     
    29ec
    176cu

Idee en vormgeving Fontys Hogeschool voor de Kunsten. Doorontwikkeling en technische realisatie Fontys Hogeschool Theologie Levensbeschouwing. © Copyright Fontys Hogescholen.